3. sep, 2017

Wachten op het vuurwerk.

Drie tieners op een bankje in de nacht.

Op een bankje aan het water zitten drie jongens van ongeveer 14 jaar. Ze zijn gekleed in korte broek en een T-shirt. Het is kwart over tien ’s avonds en de jongens wachten, net als wij op de jaarlijkse vuurwerkshow. Ze schuiven een beetje in elkaar als wij vragen of we naast hen op het bankje mogen zitten. We moeten nog drie kwartier wachten. Het vermaak van de jongens tijdens het wachten, bestaat uit het bekijken van filmpjes op het mobieltje van één van hen. Ze lachen om de grapjes in de filmpjes. Ondertussen zitten ze geen moment stil. Ze wiebelen heen en weer en wisselen het zit- gedeelte van de bank om de haverklap af met het zitten op de rugleuning van de bank. Heen en weer, heen en weer.

Intussen daalt temperatuur naar waarden die horen bij het tijdstip van de avond en het seizoen in het jaar. Peter en ik zitten behaaglijk onder een de deken en Alexander rent zo hard in de rondte dat hij van kou geen enkele last kan hebben. De jongens beginnen te klagen over de kou. Ze kunnen maar niet beslissen of ze nog even naar huis zullen rennen om een lange broek en een jas aan te trekken. De jongen met de minste kleren aan probeert zijn makkers zover te krijgen om met hem mee te rennen naar huis. Het lukt hem niet. Ze zijn bang dat ze hun plekje aan het water kwijt raken. Op het voorstel om dan één makker te laten zitten zodat de plek gewaarborgd kan blijven, lijken ze in beweging te komen om iets warms aan te gaan trekken. Het gebeurt niet. In het half uurtje dat ik naast hen zit heb ik letterlijk 50 verschillende voorstellen voorbij horen komen om het probleem van de toenemende kou op te lossen. Ze wiebelen zo verschrikkelijk op die bank dat ik me verbaasd afvraag hoe het komt dat ze het niet warmer krijgen. Ze blijven zitten en wachten toch liever “te koud” gekleed op het vuurwerkspektakel dat binnen een kwartier kan losbarsten. Vijf minuten voordat de show begint lijkt één van de jongens de kou zo zat te worden dat hij opstaat en aangeeft dat hij snel naar huis gaat rennen. Zijn makkers rennen niet mee dus hij maakt na twee passen toch maar weer rechtsomkeert naar het bankje. Ik voel me inmiddels lichamelijk aardig door elkaar geschud van het gewiebel naast mij. Geestelijk ben ik in de war van de grote besluitenloosheid naast mij. Ik moet me beheersen om me er niet mee te bemoeien.

Om ons heen heeft het halve dorp zich verzameld. De plek die we hebben uitgekozen om naar het vuurwerk te kijken lijkt een goede plek. Het is druk geworden. Dan is het eindelijk elf uur en in de verte ontstaat een geweldig schouwspel van vuurwerk. Een prachtige lichtshow die we vanaf dit bankje ademloos volgen.

Voor ons zitten twee kleine jongetjes van een jaar of vijf heel stil op ons kleedje te kijken. Ze hebben zelf ook een lichtje bij zich. Ze dragen een prachtige lantaarn en zijn onder de indruk van het vuurwerk, het late tijdstip op de avond en de vreemde mensen waarbij ze op een kleedje mogen zitten. Doodstil kijken ze vooruit over het water.

De drie tieners staan “resoluut” op na de eerste drie vuurpijlen en zijn verdwenen.

Zij vinden er niets aan!