12. jan, 2016

CIBO en het wetenschappelijke onderzoek

De wapperende witte jassen op de afdeling.

Ik lig op de afdeling CIBO. Chirurgie boven. Dat is een speciale afdeling in de hemel voor mensen waar de Goden zich aan mogen verlustigen en een kijkje nemen onder de huid. Ze leggen daar je inwendige “ik” gewoon open zonder zware therapie.

De Goden hebben mij al bekeken en de foutjes in de natuur vakkundig weggehaald. Een kleine reparatie van de schepping via een groot gat in de buik. Ze willen wel vrij zicht hebben uiteraard.

En dan zijn de Goden weg. Je ziet ze voorlopig niet meer en moet het doen met hun onderdanen.

De Goden takelen je  toe. Maar de onderdanen takelen je nog veel meer toe. Geniepige valse duiveltjes zijn het.

Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat je sneller hersteld als je zo spoedig mogelijk na een operatie even je bed uit komt. Fuck dit wetenschappelijke onderzoek. Geen Nobelprijs als het aan mij ligt. En ik lig, dus het ligt aan mij. En ik wil blijven liggen. De rest van mijn leven. Maar dat mag niet van de onderdanen.

Er staat een jonge knul naast mijn bed die zich voorstelt als de fysiotherapeut. Ik denk dat dat een hoge rang is binnen de hiërarchie van de onderdanen want hij mag mij heel erg pijnigen.

“Zo, mevrouw, we gaan even het bed uit”

We? Niks “we”. Jij staat al en ik lig. Dus ik moet dit alleen doen. Maar hij blijkt behulpzaam en met een zwierige boog mag ik de krachten van de zwaartekracht weer gaan testen. Drie stappen vooruit en drie stappen achteruit. En weer plat. Morgen weer een nieuwe kans.

De volgende dag is mijn vriend de fysiotherapeut vrij en mag ik uit bed met een andere onderdaan. Omdat wetenschappelijk onderzoek ook heeft aangetoond dat je iedere dag wat beter bent t.o.v. de voorgaande dag, mag ik van deze onderdaan wat langer uit bed.

“Hoe lang?” Ik vraag het omdat ik water over mijn rug voel lopen en me bijna weer waan in de hemelse zalige onwetende staat van zijn. Ik voel mezelf wegglijden terwijl ik halfnaakt op een kleedje op een stoel ben neergekwakt.

“Een kwartier moet lukken. Druk maar op de rode knop als het genoeg is”

BAM! Ik druk 100 keer op de rode knop terwijl ze nog in de kamer is. Ze loopt weg want er ligt immers een wetenschappelijk onderzoek dat aantoont dat ik nu een kwartier kan zitten.

Gelukkig wordt mijn hulpsignaal opgepikt door andere onderdanen en binnen no-time staan de hulptroepen aan mijn bed om me weer terug te kwakken.

Ik ben gered.