1. mei, 2016

Kindertandarts

De kindertandarts.

 

Lang geleden liep Alexander een traumatisch ervaring op bij de tandarts. Hij had een gaatje in zijn kies dat gevuld moest worden maar verder dan de verdoving kwam de tandarts niet. Alexanders’ onwil om gerepareerd te worden was zo groot dat twee volwassen mensen de kracht niet hadden om hem te repareren. Spartelend en schreeuwend deed hij deze eerste grote ervaring op bij de ‘gewone’ tandarts. Dan rest er maar 1 oplossing en die heet: “Kindertandarts”.

De kindertandarts huist in Amsterdam. Een aparte afdeling in het ziekenhuis is ingericht door de kindertandarts om iedereen die onder de definitie van ‘kind’ valt af te helpen van eerder opgedane traumatische ervaringen. De stoelen hebben kleurtjes, de behandelkamer straalt hetzelfde als de ruimtes bij de kinderdagopvang. Kleurrijk en de apparatuur is weggemoffeld onder afleiding. De kindertandarts houdt er wel een strikt protocol op na. Bij het eerste bezoek mag een ouder het getraumatiseerde kind begeleiden naar de behandelkamer maar het is niet de bedoeling dat ouders zich blijven mengen in de behandeling van de kindertandarts. De volgende keer rest als enige taak voor de ouders; wachten in de piepkleine wachtkamer. Peter ging met Alexander mee. Het gaatje moest behandeld worden en dat doet de kindertandarts zonder pottenkijkers. Alexander bleek zo zwaar getraumatiseerd dat de hulptroepen van heinde en verre kwamen aangesneld om te kijken of er niet een kind vermoord werd bij de kindertandarts. Peter had het ook zwaar. Die mocht niet naar binnen om zijn tegenspartelende en schreeuwende kind te troosten. En waar iedere ouder toch de valkuil in gaat van het ‘naar binnen’ lopen, lukte het hem om dat niet te doen. Alexander kon niet anders dan zich overgeven aan de kindertandarts en capituleerde. De kies werd niet gemaakt maar geheel verwijderd en dat maakt een kind meteen tot een soort superheld. Een gat in je mond en in de beleving van Alexander viel het huilen heus wel mee.

De kindertandarts kon bij ons na deze overwinning uiteraard niet meer stuk. Wat een geweldig staaltje kinderpsychologie en doortastendheid. Als alle kapotte kiezen dichtgegooid zijn dan neemt de mondhygiëniste het onderhoud van het kindergebitje over. Nog steeds is de opdracht aan de ouders dat je in de wachtkamer geduldig wacht op dit stukje zelfstandigheidsontwikkeling van je kind. Behalve als blijkt dat je je taak als ouder verzaakt hebt. Ik werd binnengeroepen en voelde meteen dat er stront aan de knikker was. Een jong meisje met een Belgisch accent vroeg mij op zeer beleefde Belgische toon om even binnen te komen.

“Alexander zit in de groene stoel!”

“Als u even meekijkt dan kunt u zien dat er nog niet goed genoeg gepoetst wordt. Het rood op de tandjes geeft aan dat er nog veel tandplakresten aanwezig zijn. Het poetsen moet meer aandacht krijgen”

De Belgische mevrouw klinkt zo streng! Ik durf alleen maar te knikken en apathisch te luisteren naar de derde keer  (Alexander heeft immers 2 grote broers waar de tanden tot in den treure van gepoetst zijn) poetsinstructie.

“U houdt de tandenborstel hier 10 seconden en dan gaat u een stukje verder voor de volgende 10 seconde. U trekt het onderlipje een stukje naar beneden voor de ondertandjes en u poetst 10 seconden”

Ik denk dat deze mevrouw een ideologisch beeld heeft van het hebben van kinderen. Zo makkelijk als zij het tandenpoetsen voorstelt is het in de praktijk helemaal niet. Als het al lukt om Alexander in 1 recht lijn naar de tandenborstel te dirigeren dan rest ons de strijd van het poetsen en iedere kies en tand die elke dag gepoetst moet worden is een persoonlijke overwinning op onze derde zoon. Wij hebben niks aan eerder opgedane ervaringen met poetsen want onze derde zoon geeft ons een hele nieuwe poetsbeleving met zijn eigen wil om de regie bij iedere poetsbeurt over te nemen. Ik bespaar de Belgische mevrouw de details over onze dagelijkse strijd en luister nog gedwee naar onze verkeerde keuze voor de elektrische tandenborstel van € 29,95 bij het Kruitvat. De elektrische borstel volstaat pas als je nog een 1 voor de 2 op het prijskaartje plakt.

Gisteren moesten wij weer naar de kindertandarts en koortsachtig wacht ik het moment van het oordeel af. Hebben wij de afgelopen weken wel goed geluisterd naar de Belgische mevrouw? Ze roept mij binnen.

“Ik kan zien dat jullie het poetsen goed opgepakt hebben.”

Opluchting.

“Alleen de ondertandjes verdienen nog iets meer aandacht U moet het lipje een beetje naar beneden trekken en dan goed poetsen”

Ik heb zin om iemand anders naar beneden te trekken en eens flink op te poetsen, maar zeg alsof ik een medaille binnengehaald heb: “Komt in orde.”