21. jan, 2016

Pedagogisch onvermogen

Crisis.

Peter en ik zijn ‘oude’ ouders. Dat wil zeggen dat wij op latere leeftijd nog een zoon hebben gekregen. Daar waar normale stellen het uitzicht hebben op ‘vrijheid’, want de kinderen gaan de deur uit, gooiden wij onszelf nog een keer voor de leeuwen. Voor ons ligt er de komende twintig jaar nog geen enkele vrijheid in het verschiet. Wij zijn voorlopig gekluisterd aan huis en ons sociale leven is weer tot een minimum gereduceerd, want zo gaat dat als je een jong kind hebt.

Naast onze nieuwe titel van ‘oudere’ ouder, zijn wij ook allebei docent. Dat betekent dat je voor anderen heel goed kunt bepalen hoe zij hun kinderen moeten opvoeden, maar er zelf een zooitje van maakt. Wij wonen in Kudelstaart en maak daar maar van, Crisisstaart.

Het is hier in huis een regelrechte opvoedcrisis.

Je kunt een Engelse Nanny op ons af sturen om ons te rehabiliteren als ouder, maar het gaat niet werken. Dat komt door ons kind. Die is on-opvoedbaar. Ons kind heeft de genen van ouders die voor de klas staan. Ons kind heeft als voorbeeld, ouders die het de hele dag voor het zeggen hebben. En met het waarnemingsvermogen van onze zoon is niks mis. Kinderen leren door het gedrag van anderen te kopiëren en dat maakt ons kind on-opvoedbaar.

Peter en ik doen iedere dag een soort wedstrijd in wie er het beste kan opvoeden. Dat gaat vanzelf. Als ik maatregelen neem om ons kind te corrigeren zegt Peter dat ik niet zo hard moet zijn en als hij uit zijn dak gaat omdat onze zoon zich niet laat regeren, dan bemoei ik me daar steevast tegenaan en zeg op mijn beurt tegen hem dat hij het even kalmer en professioneler aan moet pakken. Wij zijn meer met het corrigeren van elkaar bezig dan met het corrigeren van onze zoon.

Wij praten daar gelukkig op enig moment wel over.

Wij bespreken dan met elkaar welke middelen wij moeten inzetten om ons kind niet voor galg en rad  te laten opgroeien.

Wij zetten ook tastbare middelen in. Middelen die wij kochten voor onze zoon om hem een plezier mee te doen, pakken wij met het grootste gemak weer af. Zo ook de Nintendo DS.

De Nintendo DS is een speelgoedje dat je niet zomaar moet afpakken van je kind. Dat keert zich namelijk heel snel tegen je als ouder. Je kunt de Nintendo DS heel goed gebruiken om je kind representatief over te laten komen als je op visite gaat. Je laat hem dan stil in een hoekje spelen op zijn Nintendo. Dan zegt iedereen dat je een heerlijk rustig kind hebt en dat beschouwen wij als een compliment.

Maar wij hebben de Nintendo dus afgepakt en zijn voorlopig niet van plan om bakzeil te halen. Wij hebben besloten dat er Nintendo-tijd te verdienen valt als,

Alexander in één keer luistert,

Alexander de hele nacht in zijn eigen bed blijft slapen,

Alexander zijn groente netjes op eet,

Alexander zijn jas dicht doet als hij naar buiten gaat,

Alexander niet plotseling schreeuwt in huis,

Alexander stopt met het steeds overnemen van de regie in huis,

En dan willen wij wel een 100% score zien op al deze punten voordat die Nintendo weer tevoorschijn komt.

Daar zijn Peter en ik het unaniem over eens. In één keer, zonder dat wij daar een wedstrijd van maken. Als wij gaan verliezen van onze zoon dan verliezen wij graag samen.