17. okt, 2016

Winterslaap

Herfstvakantie.

 

De herfstvakantie vind ik altijd een bijzondere vakantie in het onderwijs. Behalve dat de naam toch serieus doet vermoeden dat de zomer weer achter me ligt, geeft de herfstvakantie ook aan dat de “kop” er weer af is. Van het nieuwe schooljaar, bedoel ik uiteraard. Er mogen van mij best af en toe spreekwoordelijk “koppen” rollen maar dat gebeurt meestal tegen de kerstvakantie als de flexibiliteit bij iedereen in het onderwijs even verdwenen is.

De herfstvakantie geeft aan dat ik me klaar moet maken voor een donkere periode. De dagen worden in snel tempo korter en de dagen in het onderwijs worden in een even zo snel tempo “langer”. De tijd breekt aan dat ik in het donker naar school vertrek en in het donker ook mijn weg naar huis weer moet zien te vinden. De herfstvakantie geeft aan dat ik weer afhankelijk ben van kunstlicht. Ik hou niet van deze tijd. De natuur is het met mij eens dat dit een grauwe tijd is en laat zich nog één keer in bonte kleuren zien om zich daarna terug te trekken in een winterslaap. Ik richt mijn blik op de bomen die het laatst hun blad verliezen en kijk dan alweer verlangend uit naar de eerste groene blaadjes aan de bomen. Eigenlijk wil ik ook de “winterslaap” in. Maar de herfstvakantie zegt niet: “Ga maar lekker slapen”. De herfstvakantie zegt: “De trainingsperiode is voorbij. De wedstrijd gaat beginnen.” De eerste cijfers zijn ingevoerd, het volgende pak nakijkwerk ligt klaar. De messen zijn geslepen en de tocht die ik met de leerlingen heb af te leggen, tekent zich in scherpe contouren af.

De opbrengst van de lessen in het Engels, bijvoorbeeld,  is nog niet groot. Ik merk dat ik hen “overvraag” in de manier waarop ik dat nu met hen aanpak. Die route moet dus anders bewandelt gaan worden. Wel een beetje jammer van al die uren die ik heb zitten in het maken van het materiaal voor deze lessen. Het betaalt zich niet voldoende uit. Gelukkig ben ik goed in opruimen en weggooien. Dat doe ik thuis ook heel rigoureus als ik de rommel zat ben. Dit was rommel dus weg ermee.

Het digitaliseren heeft me ook al een geweldig opruimmoment opgeleverd. De afspraken voor de komende oudergesprekken heb ik met één zwierige druk op de knop zo de digitale prullenbak in gesodemieterd. Dat was dan weer niet de bedoeling.

Terwijl ik naar buiten kijk, probeer ik me te bedenken wat ik nog meer opgeruimd wil hebben. Mijn tas? Die is inmiddels alweer zo zwaar dat ik de liftsleutel die ik eigenlijk niet meer nodig heb voor mijn knie, gewoon maar blijf gebruiken. Dat kreng is zo zwaar dat ik regelrecht een hernia oploop als ik de trap moet nemen. Mijn mailbox? Die had ik helemaal leeg gekieperd voor de zomervakantie en ik zei: “Blijf leeg!” Maar mijn mailbox is nog de baas en ik moet mijn plek in de hiërarchie ten opzicht van de mailbox nog bevechten. Mijn hoofd? Die is inmiddels alweer gevuld met herinneringen en namen van heel veel leerlingen en lijstjes met klussen die gedaan moeten worden. Mijn agenda? Dat kan niet want ik heb mijn agenda in google gesynchroniseerd met de jaarplanning van school en die krijg ik er van ze lang zal ze leven niet meer uit, hoe hard ik ook op delete druk. Alles lijkt belangrijk en Peter fluistert in mijn oor: “Als alles belangrijk is, is er “niets” belangrijk.” Goed! Hij is de filosoof hier. Niet ik. Ik had mezelf de “nuchtere” rol gegeven.

Ik ga eerst maar even oefenen in huis. Daar is de herfstvakantie dan ook weer nuttig voor. Het wegwerken van achterstallig huishoudelijk werk. Wie weet kom ik de waxinelichtjes weer tegen die ik de komende tijd ga inzetten tegen de “donkere” dagen die eraan komen.