22. sep, 2016

Watersportweek deel 3

Watersportweek deel 3

 

Waarschijnlijk is dit ook het laatste deel. De vierdaagse zit er bijna op, hoewel dit in de beleving op dit moment heel anders is, dan in tijd.

Het is een watersportweek en gelukkig werden de natte pakken dit jaar ook echt alleen maar gehaald met de watersporten en niet omdat het regende. Het weer is ons gunstig gezind. De activiteiten zijn hartstikke leuk en de groep werkt voor 75% goed mee.

Helaas is er dus nog een 25% die ervoor zorgt dat veel tijd in deze week eruitziet alsof het water met slagregens naar beneden komt. Dat is waanzinnig jammer. Jammer omdat er veel aandacht uitgaat naar deze groep leerlingen. Aandacht die eigenlijk alleen maar geclaimd mag worden door de leerlingen die horen bij de positieve groep. Jammer omdat deze kleine groep een groot aandeel heeft in het bepalen van de sfeer op deze week. Ik heb er op dit moment ook veel moeite mee en moet “alle zeilen” bijzetten om mij te concentreren op de groep supertoffe, leuke, en gemotiveerde leerlingen die het dubbel en dwars waard zijn om voor eeuwig voorbij te blijven komen in de verhalen die we elkaar vertellen over deze watersportweek.

Opperste concentratie dus:

 

Vanmorgen zijn we gaan hiken. Op de step, een voertuig dat gelukkig nog bekend is in het bewustzijn van deze tieners, stepten wij naar een prachtig natuurgebied: De Alde Faenen. Het steppen betekende voor de leerlingen dat zij niet op hun mobieltjes konden kijken en met een snelle blik tijdens het steppen, namen zij de omgeving in zich op. We hebben hen verteld dat die zwart-wit gevlekte beesten in het veld verantwoordelijk zijn voor hun dagelijkse glaasje melk. Wij, als begeleiders van een groep mensen die de wereld beschouwen vanaf een schermpje, vonden dat een belangrijke toegevoegde waarde hebben, deze week. De koe!

Het steppen werd afgewisseld met een aantal groepsspelen. De start van elk spel bestaat uit de groep motiveren om mee te doen aan het spel. Dat duurt altijd even maar wij, als begeleiders, weten dat en hebben inmiddels aardig wat geduld. Als het spel namelijk loopt, loopt het vaak ook als een trein. In dit geval als een rups. In een lange plastic rol moesten de leerlingen zich een aantal meters voortbewegen om zich warm te lopen voor het volgende onderdeel: fierljeppen. Met een stok een sloot vol kroos overspringen en dan droog aan de overkant komen. De groep splitst zich in deelnemers en geblesseerden. Het blessureleed vliegt ons letterlijk om de oren en wij, als begeleiders, weten dat we ons moeten gaan concentreren op de groep springers die bestaat uit 5 stoere jongens die de uitdaging aangaan. Twee leerlingen halen de overkant, twee leerlingen niet en één leerling ligt nog in de sloot en we hopen dat hij op tijd is voor de bus morgen.

Het grootte gedeelte van de groep is nog droog en gezamenlijk lopen we het laatste stuk terug naar huis om ons daarna vakkundig te bekwamen in “handboogschieten”. In een uur tijd wordt de nieuwe generatie Robin Hood geboren en schieten we met z’n allen de gaten in de schietschijven. Een succesvol onderdeel van deze dag.

Na de lunch stappen we op de tjalk en varen we in het prachtige natuurgebied. De wind werkt niet heel erg goed mee maar dat loopt dan gelukkig wel rechtevenredig met het enthousiasme van de groep. Laten we dit onderdeel maar laten voor wat het was. Een vermoeiende tocht.

 

Vermoeid zijn na een werkweek is niet erg. Vermoeid zijn doordat je een hoop energie hebt gestoken in het begeleiden van een groep leerlingen die je nog niet kent en die je na deze week wat beter hebt leren kennen, zodat het ook mogelijk is om ze de begeleiding op school te geven die ze verdienen, hoort bij het leven van een docent. Gelukkig kan ik nu afsluiten met de conclusie dat die vermoeidheid vooralsnog de overhand heeft.