14. jan, 2016

Top down

Top-down

Als je een organisatie top-down gaat besturen, krijg je het als bestuurder zwaar. Daar kom je als bestuurder pas na jaren achter want dan moet je ineens gedotterd worden.

In het onderwijs is top-down besturen hetzelfde als je eigen doodvonnis tekenen.

In het onderwijs werken namelijk heel veel docenten en die hebben een grote gemeenschappelijke deler, ze zijn fucking eigenwijs.

En dat is een hele mooie eigenschap die ze hard nodig hebben.  Dagelijks zijn zij bezig om die eigen ‘wijsheid’ over te brengen op de toekomst. En wil je je een beetje onsterfelijk maken dan moet je die toekomst met veel eigen ‘wijsheid’ tegemoet treden.

En er is nog iets anders waarom top-down besturen in het onderwijs niet een hele wijze manier van regeren is.

Iedere dag betreden docenten hun klaslokaal. Dat is op zich niet opzienbarend maar het effect van het sluiten van de deur van het klaslokaal als de klas eenmaal binnen is, wel. In een split second wordt het personeel op de werkvloer ‘eigen baas’. Docenten zijn heer en meester in hun eigen lokaal. Iedere dag wisselt het volk dat zij voor zich hebben 7 á 8 keer van samenstelling en niveau en iedere dag is de docent net zo vaak bezig om duidelijk te maken dat er maar één heer en meester is op dat moment. En die staat voor de klas. En het laat zich uiteraard raden. In een dictatuur is maar plaats voor één heerser.

En er is NOG iets anders waarom top-down besturen in het onderwijs niet een hele wijze manier van regeren is.

De mini- bazen werken hard. Ik zal het niet overdrijven maar soms werken de mini-bazen eigenlijk wel heel erg hard. Iedere dag weer. Er wordt door de mini-bazen gezwoegd, geploegd, gezaaid en de oogst maken ze hoogstwaarschijnlijk niet mee. Of je moet een diploma halen als oogst zien.  Je kunt lesgeven misschien het beste vergelijken met iedere avond een cabaret voorstelling geven en weten dat je de recensies liever niet wilt lezen. Een cabaret voorstelling waar je als cabaretier weinig eigen invulling aan mag geven maar je moet wel donders origineel zijn iedere voorstelling. Uitdagend en op iedere individuele toehoorder toegespitst. De mini-bazen moeten in 50 minuten een complete relatie opbouwen met hun publiek. Iedere 50 minuten opnieuw. En de mini-bazen hebben geen jaar de tijd om hun conference te schrijven, te oefenen, te try-outen. Zij schrijven hun conferences in de avonduren en bij het ochtendgloren als de rest van het volk slaapt.

Er ligt geen glansrijke carrière in het verschiet en van het salaris dat zij verdienen kunnen zij, met hypotheekrente aftrek, net een middelmatig huisje kopen in een middelmatig dorp.

Als baas van de mini-bazen heb je een onzichtbare functie. Je zorgt er als grote baas voor dat zij hun conferences goed kunnen schrijven. Dat zij weten hoe zij hun publiek moeten bespelen om een zaal vol plezier en gejuich te hebben waar het publiek nog lang over zal napraten. Je zorgt ervoor dat het decor goed is en dat het glaasje water klaar staat. Achter de coulissen kijk je mee en je geniet van de voorstelling in de wetenschap dat jouw bijdrage als grote baas misschien niet 1,2,3 zichtbaar is, maar wel bijdraagt aan het onmetelijke succes van al de cabaretiers op jouw school en het publiek in groten getale blijft toestromen.