12. jan, 2016

Meisjes in de klas

Maandag 11 januari 2016

Meisjes in de klas.

Ik ben docent. Als vrouw geef ik een mannen vak. Geheel in de lijn der verwachting. Ik ben namelijk ook een mannen moeder dus dan geef je een mannen vak. Economie. Hoewel het vak er voor de jongens was. Een self- fulfilling prophecy

Het is alleen wel onvermijdelijk dat er meisjes in de klas zitten. Al jaren probeer ik dat fenomeen met een grote boog te omzeilen maar dat mislukt jammerlijk. Ze zijn er. En ze zijn er in grote getale. Het zijn er zelfs meer aan het worden.

Ik geef les op het vmbo. Dat is al een uitdaging op zich maar helemaal als je in je privé leven voornamelijk omringd bent door mannen.

 Ik begrijp mannen, ik versta mannen, ik kan lullen met mannen over niks, ik kan bier drinken met mannen en ik kan motorrijden met mannen. Ik kan zoveel met mannen dat ik elke dag tussen mijn benen kijk om te controleren of ik nog wel “vrouw” ben.

De meisjes op het vmbo doen er alles aan om hun ontluikende vrouwelijkheid zo snel en uitbundig mogelijk ten toon te spreiden. Ik zie laag uitgesneden decolletés zonder opzienbarende inhoud. Ik zie hele korte rokjes die de benen onthullen van Barbie poppen in wording. Ik zie haren die nog net niet gekapt zijn door de meesterkappers des vaderlands. En de meisjes verstaan de kunst om hun hele arsenaal aan schoolboeken te proppen in een tasje waar net hun nieuwste iPhone inpast en een tampon voor de komende eerste menstruatie.

De meisjes hebben meisjes problemen. Helaas bestaan die problemen niet uit met grote moeite een ingewikkelde economiesom tot een goed einde weten te brengen. De problemen van meisjes gaan over de andere meisjes. In hun door hormonen in de war geschopte lijfjes is enkel ruimte voor jaloezie. Ze zijn standaard jaloers op het mooiste meisje van de klas. Maar ze zijn ook jaloers op het minst mooie meisje van de klas dat zo goed kan leren. Ze uiten dat door heel venijnige opmerkingen op lispelende toon naar elkaar gesproken.

“Nah heb je dat gezien?” .

Ik kom er slechts zelden achter wat er nu met DAT bedoeld wordt. Ik gok dat het gaat over de kleding, het tasje, de zwerm jongens die om het leuke meisje hangen of om de leerprestaties van het lelijkste eentje van de klas. Maar god mag het weten. Ik kan er ook helemaal naast zitten. En dan blijkt het over mij te gaan.

Ik ben natuurlijk in de ogen van de meisjes standaard een groot chagrijn met een te dikke kont en te lelijke kleren.

Maar ik heb een strategie ontwikkeld.

De strategie van de eerlijkheid.

Ik zet alle meisjes in 2 rijen in de klas en ga er dan met veel bombarie voor staan en kondig van te voren al aan dat ik ze niet ga begrijpen. Ik begrijp ze niet als ze ruzie hebben, ik begrijp ze niet als ze ineens jankend de klas uit rennen, al hyperventilerend en met nog 3 andere meisjes in hun kielzog. Ik begrijp het al helemaal niet als de reden van het wegrennen achteraf alleen blijkt te zijn: geen ontbijt. Ik begrijp het niet als ze ongesteld moeten worden en al vroeg te maken krijgen met PMS en daardoor dus niet kunnen leren. Ik begrijp hen niet als de eerste pukkel door komt, als ze de eerste afwijzing van een jongen meemaken ( ik begrijp die jongen overigens wel)

Ik heb dus een enorm manco in mijn empathisch vermogen en dat weten ze. Na jaren strijd heb ik het voor elkaar. Ze blijven uit mijn buurt. Ik loop met een boog om hen heen en zij lopen met een nog grotere boog om mij heen. Er is een speciale “Mosk-escape-route” op school voor de meisjes.

Tot die ene zeilweek.

Die ene speciale dag dat de motor van de zeilboot uitviel en ik met een godverdommende schipper met 10 meisjes en 5 jongens heel stil op het dek moest zitten om elk naderend onheil voorzichtig te ontwijken.

Ze kwam achter me zitten en sloeg haar Barbie benen om mij heen. Twee armen om mijn regenjas en haar hoofd op mijn schouder.

“ Je hebt altijd al een dochter willen hebben hè?”, zei ze.

En ik zei:

 “JA”